Statuten

Definities

Artikel 1

In deze statuten worden de volgende definities gehanteerd:

  • Vereniging: Sport;
  • Algemene Vergadering: de algemene ledenvergadering van de Vereniging;
  • Bestuur: het Bestuur van de Vereniging;
  • Atletiekunie: Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie;
  • leden: de leden van de Vereniging die voldoen aan de kwaliteitseisen die zijn gesteld in artikel 4 van de statuten;
  • Tuchtcommissie: de tuchtcommissie van de Vereniging;
  • schriftelijk: bij brief of email, of bij boodschap die via een ander gangbaar communicatiemiddel wordt overgebracht, waaronder begrepen social media, mits aan de secretaris het communicatiemiddel (het adres/account) kenbaar is gemaakt indien dit persoonlijk is;
  • interne media: de gebruikelijke voor alle leden toegankelijke communicatiekanalen waarmee binnen de Vereniging door organen van de Vereniging wordt gecommuniceerd met de leden en vice versa en waarmee de leden onderling kunnen communiceren, zoals een clubblad, een website of een mobiele applicatie;
  • ontstentenis: de situatie waarin een of meer van de bestuurders van de vereniging niet meer in functie is als gevolg van aftreden, ontslag, of overlijden;
  • belet: de situatie waarin een bestuurder tijdelijk zijn functie niet kan of wil uitvoeren door bijvoorbeeld ziekte, onbereikbaarheid of schorsing. Een direct of indirect persoonlijk of tegenstrijdig belang valt niet onder belet. De beletregeling van plaatsvervanging treedt dan niet in werking;
  • demissionair: de situatie zoals omschreven in artikel 9 leden 10, 11 en 12.
  • tegenstrijdig belang: de situatie waarin een bestuurder of een lid van een orgaan of een lid van een commissie door een direct of indirect persoonlijk belang of door zijn betrokkenheid bij een ander belang dat niet parallel loopt met het belang van de vereniging en de met haar verbonden onderneming of organisatie, niet in staat moet worden geacht het belang van de vereniging en de met haar verbonden onderneming of organisatie integer en onbevooroordeeld te bewaken op een wijze die van een integer en onbevooroordeeld bestuurder of lid van het orgaan of lid van de commissie mag worden verwacht.

Naam, zetel en oprichtingsdatum

Artikel 2

  1. De Vereniging is genaamd Sportvereniging Veendam Atletiek.
  2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Veendam.
  3. De vereniging is opgericht op twee en twintig maart negentienhonderd vier en tachtig.

Doel

Artikel 3

  1. De Vereniging heeft ten doel het (doen) beoefenen van de atletiek- en de loopsport in welke verschijningsvormen dan ook.
  2. De Vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door lid te zijn van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie, verder te noemen Atletiekunie, en binnen het verband van de Atletiekunie het faciliteren en organiseren van en het laten deelnemen aan trainingen, wedstrijden, evenementen, opleidingen en andere activiteiten.
  3. De Vereniging mag geen winst onder haar leden verdelen.

Lidmaatschap

Artikel 4

  1. a. Leden kunnen uitsluitend natuurlijke personen zijn.
    b. Alleen diegenen die voor de duur van hun lidmaatschap ook lid zijn van de Atletiekunie kunnen lid zijn van de Vereniging.
  2. a. Leden worden op schriftelijk verzoek toegelaten door het Bestuur.
    b. Het Bestuur is verplicht onmiddellijk het lidmaatschap van de Atletiekunie aan te vragen voor een ieder, die in de Vereniging actief de sport beoefent, enige functie bekleedt of anderszins lid is van de Vereniging.
    c. Het lidmaatschap van de Vereniging wordt overeenkomstig artikel 7 lid 6 door het Bestuur onmiddellijk beëindigd indien het lid niet tot het lidmaatschap van de Atletiekunie wordt toegelaten, of wanneer de Atletiekunie het lidmaatschap heeft beëindigd.
    d. Leden van de Atletiekunie zijn collectief verzekerd voor de gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid en voor ongevallen, beide in het kader van de sportbeoefening.
    e. Het Bestuur van de Atletiekunie is bevoegd te controleren of aan het onder 2.b bepaalde is voldaan.
  1. Ingeval van niet-toelating door het Bestuur kan op verzoek van de betrokkene de eerstvolgende Algemene Vergadering alsnog tot toelating besluiten, dit met inachtneming van het in lid 1 en lid 2 bepaalde.
  2. Op voorstel van het Bestuur kan de Algemene Vergadering een lid wegens zijn bijzondere verdiensten voor de Vereniging tot ‘erelid’ benoemen.
  3. Het Bestuur houdt met inachtneming van de privacywetgeving een register bij waarin de namen, adressen en geboortedata alsmede (indien mogelijk) een telefoonnummer en persoonlijk emailadres van de leden zijn opgenomen, een en ander op een door de Atletiekunie aan te geven wijze.

Rechten en verplichtingen

Artikel 5

  1. De leden zijn gehouden:
    a. de statuten en reglementen van de Vereniging, alsmede de besluiten van het Bestuur, van de Algemene Vergadering of van een ander orgaan van de Vereniging na te leven;
    b. de statuten en reglementen van de Atletiekunie, de besluiten van een orgaan van de Atletiekunie, alsmede de van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen van zowel de wereldatletiekbond genaamd World Athletics, de Europese atletiekbond genaamd European Athletics, het International Paralympic Committee (IPC) als van de Atletiekunie na te leven;
    c. de statuten en reglementen van de stichting Instituut Sportrechtspraak inzake Doping, Seksuele intimidatie en Matchfixing, alsmede de met betrekking tot doping door World Athletics van toepassing verklaarde sport specifieke bepalingen na te leven;
    d. de doelstelling van de Vereniging te onderschrijven en daadwerkelijk mee te willen werken aan de activiteiten van de Vereniging;
    e. de belangen van de Vereniging niet te schaden.
  1. De leden zijn voorts verplicht zich jegens elkaar en jegens de Vereniging te gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd. 3. De Vereniging kan door een besluit van het Bestuur, van de Algemene Vergadering of van een ander orgaan verplichtingen - al dan niet van financiële aard - aan de leden opleggen.
  2. De Verenigingen de Atletiekunie kunnen, voor zover uit de statuten van de Vereniging onderscheidenlijk van de Atletiekunie niet het tegendeel voortvloeit, ten behoeve van de leden rechten bedingen. De Vereniging kan in een voorkomend geval ten behoeve van een lid nakoming van bedoelde rechten en schadevergoeding vorderen, tenzij het lid het Bestuur schriftelijk mededeelt het Bestuur daartoe niet te machtigen.
  1. De Verenigingen de Atletiekunie kunnen, voor zover dit in de statuten van de Vereniging onderscheidenlijk van de Atletiekunie uitdrukkelijk is bepaald, ten laste van de leden verplichtingen met derden aangaan.
  2. Voor zover van toepassing gelden de in lid 4 en 5 bedoelde rechten en verplichtingen ook indien deze worden bedongen respectievelijk worden aangegaan door de Atletiekunie ten behoeve van dan wel ten laste van de Vereniging.
  3. De in de leden 3, 4 en 5 genoemde bevoegdheden worden uitgeoefend door het Bestuur respectievelijk het bestuur van de Atletiekunie.

Sancties

Artikel 6

  1. a. Het handelen of nalaten dat in strijd is met de wet, dan wel met de statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de Vereniging, en/of waardoor de belangen van de Vereniging worden geschaad kan leiden tot sancties.
    b. Tevens kan het zodanig handelen of nalaten dat in strijd is met de statuten, reglementen, en/of besluiten van organen van de Atletiekunie, alsmede met de door de Atletiekunie van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen waardoor de belangen van de Atletiekunie, dan wel van de atletieksport in het algemeen worden geschaad, leiden tot sancties.
  2. a. Daargelaten de bevoegdheid van de Atletiekunie om overtredingen, als bedoeld in lid 1 onder b te sanctioneren, is het Bestuur bevoegd om overtredingen te sanctioneren.
    b. Vaneen door het Bestuur opgelegde sanctie kan de betrokkene in beroep gaan bij de Algemene Vergadering, met inachtneming van het in lid 6 van dit artikel bepaalde.
  3. a. In geval van een overtreding, als bedoeld in lid 1 onder a, kunnen door de Vereniging de volgende straffen worden opgelegd:
    • berisping;
    • boete;
    • schorsing;
    • royement (ontzetting uit het lidmaatschap).

b. Een lid kan geen sanctie worden opgelegd dan nadat hem de gelegenheid is geboden zich ten overstaan van het sanctionerende orgaan te verdedigen tegen de tegen hem ingebrachte beschuldiging. Een opgelegde straf wordt schriftelijk aan het lid medegedeeld. In spoedeisende gevallen kan het Bestuur de beslissing tevens mondeling aan het lid mededelen.
c. Van het opleggen van een straf wordt via de interne media mededeling gedaan.

  1. Een schorsing kan ten hoogste voor de duur van één jaar worden opgelegd. Gedurende de periode dat een lid is geschorst, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend, met uitzondering van het recht om in beroep te gaan.
  2. a. Royement kan alleen worden uitgesproken naar aanleiding van handelen of nalaten van handelen zoals bedoeld in lid 1 onder a.
    b. Nadat het Bestuur tot royement heeft besloten, wordt de betrokkene zo spoedig mogelijk door middel van een brief met bericht van ontvangst met opgave van de reden(en) van het besluit in kennis gesteld.
  1. a. Vaneen door de Vereniging opgelegde schorsing of royement kan de betrokkene binnen een maand na ontvangst van deze kennisgeving van het Bestuur in beroep gaan met inachtneming van het in lid 2.b van dit artikel bepaalde. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
    b. Vande overige door het Bestuur opgelegde straffen staat geen beroep open.

Einde lidmaatschap

Artikel 7

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door de dood van het lid, in welk geval het lidmaatschap niet vererft;
    2. door opzegging door het lid;
    3. door opzegging door de Vereniging;
    4. door royement (ontzetting), als bedoeld in artikel 6 lid 5.
  2. Een lid kan het lidmaatschap opzeggen met inachtneming van het in dit artikel bepaalde.
    1. Opzegging door de Vereniging geschiedt door het Bestuur.
    2. Royement geschiedt door het Bestuur.
  3. Een lid kan het lidmaatschap met onmiddellijke ingang beëindigen:
    1. wanneer redelijkerwijs niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren;
    2. binnen een maand nadat een besluit, waarbij zijn rechten zijn beperkt of verplichtingen zijn verzwaard, hem is bekend geworden of medegedeeld, in welk geval het besluit niet op hem van toepassing is. Deze bevoegdheid tot opzegging komt het lid niet toe wanneer rechten en verplichtingen worden gewijzigd, die in de statuten nauwkeurig zijn omschreven, wijziging van geldelijke rechten en verplichtingen daaronder begrepen.
    3. binnen een maand nadat hem een besluit is medegedeeld tot omzetting van de Vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie.
  4. a. Opzegging van het lidmaatschap door een lid kan slechts geschieden voor een december. Op deze termijn is de Algemene Termijnenwet niet van toepassing. Indien na dertig november wordt opgezegd, dan wordt het lidmaatschap geacht te zijn opgezegd tegen het einde van het jaar volgend op dat waarin werd opgezegd.

b. Een opzegging in strijd met het onder a bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.

  1. Opzegging van het lidmaatschap door de Vereniging kan tegen het einde van het lopende verenigingsjaar geschieden door het Bestuur, met inachtneming van een opzeggingstermijn van ten minste drie weken, wanneer:
    1. het lid, na daartoe bij herhaling schriftelijk te zijn aangemaand, vier weken voor het einde van het boekjaar niet ten volle aan zijn geldelijke verplichtingen jegens de Vereniging heeft voldaan;
    2. het lid niet aan de vereisten die op enig moment door de statuten voor het lidmaatschap gesteld mochten worden, heeft voldaan.
  2. Opzegging door het Bestuur heeft onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap tot gevolg, wanneer:
    1. de Atletiekunie het lidmaatschap van het lid heeft beëindigd, tenzij het lid tegen de beëindiging van het lidmaatschap van de Atletiekunie op de door de Atletiekunie voorgeschreven wijze bezwaar heeft gemaakt. In het laatste geval is het lid als lid van de Vereniging geschorst totdat de beëindiging door de Atletiekunie is bevestigd of ongedaan gemaakt;
    2. redelijkerwijs van de Vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging geschiedt steeds schriftelijk met opgave van de reden(en).
  3. Indien een lid door de Atletiekunie is geroyeerd, is het Bestuur, na het onherroepelijk worden van dit royement, verplicht het lidmaatschap van het betreffende lid met onmiddellijke ingang op te zeggen.
  4. Behoudens in geval van overlijden wordt enig gewezen lid, dat heeft opgezegd, geacht nog lid te zijn tot ten hoogste het eind van het boekjaar volgend op dat waarin werd opgezegd, zolang het lid niet heeft voldaan aan zijn geldelijke verplichtingen ten opzichte van de Vereniging, of zolang enige andere aangelegenheid waarbij hij betrokken is niet is afgewikkeld, de tenuitvoerlegging van een opgelegde straf daarin begrepen. Gedurende deze periode kan de betrokkene geen lidmaatschapsrechten uitoefenen, met uitzondering van het recht om binnen de gestelde termijn in beroep te gaan.

Donateurs

Artikel 8

  1. De Vereniging kent naast leden donateurs.
  2. Donateurs zijn die natuurlijke of rechtspersonen die door het Bestuur zijn toegelaten en die zich jegens de Vereniging verplichten om jaarlijks een door het Bestuur vastgestelde bijdrage te storten.
  3. Donateurs hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hen in of krachtens de statuten zijn toegekend of opgelegd.
  4. De status van donateur kan te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse vastgestelde bijdrage voor het lopende boekjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
  5. Opzegging namens de Vereniging geschiedt door het Bestuur.

Bestuur

Artikel 9

  1. Het Bestuur bestaat uit ten minste drie meerderjarige personen die door de Algemene Vergadering uit de leden worden benoemd. Het aantal bestuursleden wordt vastgesteld door de Algemene Vergadering.
  2. Bestuursleden worden op basis van een door de Algemene Vergadering vastgesteld bestuurdersprofiel kandidaat gesteld door het Bestuur of door ten minste drie leden. Daarbij worden de bestaande belangen, functies en nevenfuncties van de kandidaat vermeld. De kandidaatstelling geschiedt niet door middel van een bindende voordracht.
  3. In zijn eerste bestuursvergadering na een benoeming van één of meerdere bestuursleden dan wel ingeval van een andere wijziging in de samenstelling van het Bestuur, verdeelt het Bestuur in onderling overleg de functies en stelt het Bestuur de taken van de bestuursleden vast en doet hiervan - hetzij in de interne media, hetzij door middel van een schriftelijke kennisgeving - mededeling aan alle leden.
  4. Het Bestuur geeft jaarlijks aan de Algemene Vergadering een overzicht van relevante nevenfuncties van de individuele bestuursleden.
  5. Ieder bestuurslid is tegenover de Vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Bestuursleden zijn verplicht zich daarbij te richten naar het belang van de vereniging en de met haar verbonden organisaties.
  6. Ieder bestuurslid wordt benoemd voor een periode van drie jaar en treedt af volgens een door het Bestuur op te maken rooster. Aftredende bestuursleden zijn terstond voor ten hoogste twee maal herbenoembaar. Wie in een tussentijdse vacature is benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  7. De Algemene Vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van ten minste twee derden van de uitgebrachte geldige stemmen van de Algemene Vergadering. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  8. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:
    1. door het eindigen van het lidmaatschap;
    2. door bedanken.
  9. Ingeval van ontstentenis of belet van een of meer bestuurders vormen de overblijvende bestuursleden of vormt het enige overblijvende bestuurslid niettemin een geldig bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 9 lid 1 en zijn de overblijvende bestuurders of is de enig overblijvende bestuurder tijdelijk met het bestuur belast. Ingeval van belet of ontstentenis van alle bestuurders is de persoon die het bestuur daartoe heeft aangewezen tijdelijk met het bestuur belast. De algemene vergadering kan ingeval sprake is van ontstentenis of belet van alle bestuurders en er geen persoon door het bestuur is aangewezen die tijdelijk met het bestuur is belast, één of meer tijdelijke plaatsvervangers benoemen en ontslaan. Plaatsvervangende bestuursleden hebben voor de tijd dat zij tijdelijk besturen dezelfde rechten, plichten en bevoegdheden als het bestuur. Plaatsvervangende bestuursleden worden ingeschreven bij het handelsregister. Benoeming, schorsing en ontslag van plaatsvervangers geschiedt op dezelfde wijze als bij bestuursleden.
  10. In geval alle bestuursleden voornemens zijn om zelf ontslag te nemen, maar ten minste één bestuurder bereid is tot het moment van benoeming van nieuwe bestuursleden aan te blijven als bestuurder, dan vormen deze laatst overgebleven bestuurders het demissionaire bestuur.
  11. De in lid 10 bedoelde bestuurders dienen hun ontslag schriftelijk in bij de algemene vergadering met vermelding dat zij als demissionair bestuur zullen aanblijven. De overgebleven bestuurders zijn vanaf dat moment demissionair en blijven aan tot de algemene vergadering waarin nieuwe bestuurders worden gekozen.
  12. Een demissionair bestuur heeft alle bevoegdheden die een gewoon bestuur ook heeft, met de beperking dat zij geen nieuw beleid meer vormt en besluiten die kunnen wachten, overlaat aan het nieuwe bestuur. Het demissionaire bestuur is verplicht ervoor te zorgen dat een nieuwe algemene ledenvergadering wordt uitgeroepen waarbij nieuwe bestuursleden worden benoemd en alle werkzaamheden verricht die daarbij horen. Het demissionaire bestuur is verplicht ervoor te zorgen dat lopende zaken in de vereniging voortgang vinden en dat zij hun taken en (digitale) stukken en administratie naar behoren overdragen aan de nieuw gekozen bestuurders.

Bestuursbevoegdheid

Artikel 10

  1. Behoudens beperkingen volgens de statuten is het Bestuur belast met het besturen van de Vereniging.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het Bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een Algemene Vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats(en) aan de orde komt.
  3. Indien het Bestuur uit meer dan drie personen bestaat is het Bestuur bevoegd uit zijn midden een dagelijks Bestuur te benoemen en de taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur vast te stellen.
  4. Het Bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taken te doen uitvoeren door commissies die door het Bestuur zijn benoemd.
  5. Het Bestuur is slechts na voorafgaande goedkeuring van de Algemene Vergadering bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de Vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.
  6. Een bestuurslid neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een tegenstrijdig belang heeft. Een bestuurder die een tegenstrijdig belang heeft, meldt dat onverwijld aan de overige leden van het bestuur.
  7. Indien een bestuurder niet deelneemt aan de besluitvorming wegens een tegenstrijdig belang, nemen de overige bestuurders dat besluit onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen. Kan geen besluit worden genomen omdat de enige bestuurder of alle bestuurders samen een tegenstrijdig belang hebben, dan neemt de algemene vergadering dat besluit.
  8. Het Bestuur draagt zorg voor een meerjarenbeleidsplan en legt dit meerjarenbeleidsplan en de wijzigingen daarvan ter goedkeuring voor aan de Algemene Vergadering.

Vertegenwoordiging

Artikel 11

  1. Het Bestuur vertegenwoordigt de Vereniging voor zover uit de wet niet anders voortvloeit.
  2. a. De Vereniging wordt voorts vertegenwoordigd door twee gezamenlijk handelende bestuursleden waarvan er ten minste één de voorzitter, de secretaris of de penningmeester dient te zijn.
    b. Het Bestuur is bevoegd aan anderen een schriftelijke volmacht te verlenen, op grond waarvan deze bevoegd zijn de Vereniging in de in de volmacht omschreven gevallen te vertegenwoordigen.
  3. a. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging die aan het Bestuur of aan bestuursleden toekomt, is onbeperkt en onvoorwaardelijk, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. Een wettelijk toegelaten of voorgeschreven beperking van of voorwaarde voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging kan slechts door de Vereniging worden ingeroepen.
    b. De uitsluiting, beperkingen en voorwaarden gelden mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de Vereniging ter zake van de in artikel 10 lid 5 bedoelde handelingen.
  4. Bestuursleden aan wie krachtens de statuten of op grond van een volmacht vertegenwoordigingsbevoegdheid is toegekend, oefenen deze bevoegdheid niet uit dan nadat tevoren een bestuursbesluit is genomen waarbij tot het aangaan van de betreffende rechtshandeling is besloten.

Boekjaar, rekening en verantwoording

Artikel 12

  1. Het boekjaar, tevens Verenigingsjaar loopt van één januari tot en met eenendertig december van ieder kalenderjaar.
  2. Het Bestuur dient een verantwoord vermogensbeheer te voeren en is daarbij verplicht tot het houden van zodanige aantekeningen dat daaruit te allen tijde zijn rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  3. a. Het Bestuur brengt op de Algemene Vergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar - behoudens verlenging van deze termijn door de Algemene Vergadering met ten hoogste vijf maanden - een jaarverslag uit over de gang van zaken in de Verenigingen over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de Algemene Vergadering over.
    b. De onder a bedoelde stukken worden ondertekend door alle Bestuursleden; ontbreekt een handtekening van een Bestuurslid, dan wordt hiervan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na afloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke Bestuursleden in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
  4. a. De Algemene Vergadering benoemt jaarlijks een kascommissie voor het lopende boekjaar, bestaande uit drie leden en één plaatsvervangend lid die geen deel mogen uitmaken van het Bestuur.
    b. De leden worden benoemd voor de duur van de periode tot en met de Algemene Vergadering waarin de kascommissie aan de Algemene Vergadering verslag van haar bevindingen heeft uitgebracht. Zij zijn aansluitend slechts twee maal herbenoembaar.
    c. De kascommissie onderzoekt de balans en de staat van baten en lasten, alsmede de toelichting bij deze stukken en brengt aan de Algemene Vergadering verslag van haar bevindingen uit.
  1. Het Bestuur is verplicht de kascommissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de Vereniging voor raadpleging beschikbaar te stellen.
  2. Goedkeuring door de Algemene Vergadering van het jaarverslag en van de balans en de staat van baten en lasten strekt het Bestuur tot décharge, voor alle handelingen, voor zover die uit de jaarstukken blijken.
  3. Indien de goedkeuring van de rekening en verantwoording wordt geweigerd, benoemt de Algemene Vergadering een andere kascommissie bestaande uit ten minste drie leden, welke een nieuw onderzoek doet naar de rekening en verantwoording. Deze commissie heeft dezelfde bevoegdheden als de eerder benoemde commissie. Binnen een maand na de benoeming brengt zij aan de Algemene Vergadering verslag uit van haar bevindingen. Wordt ook dan de goedkeuring geweigerd, dan neemt de Algemene Vergadering die maatregelen welke door haar in het belang van de Vereniging nodig geacht worden.
  4. Het bepaalde in de leden 4, 5 en 7 is niet van toepassing indien aan de vergadering een samenstellingsverklaring opgesteld door een accountant wordt overgelegd.
  5. Jaarlijks, zo mogelijk vóór de afloop van het lopende boekjaar doch uiterlijk één maand na het begin van het nieuwe boekjaar stelt het bestuur de begroting met betrekking tot het nieuwe boekjaar op en legt deze uiterlijk in de lid 3 sub a bedoelde Algemene Vergadering ter goedkeuring voor aan de Algemene Vergadering.
  6. Het Bestuur is verplicht de bescheiden, bedoeld in lid 2 en 3, gedurende zeven jaar te bewaren.

Geldmiddelen en contributie

Artikel 13

  1. De geldmiddelen van de Vereniging bestaan uit:
    1. contributies van de leden;
    2. omslagen;
    3. bijdragen van de donateurs;
    4. ontvangsten uit wedstrijden en entreegelden;
    5. ontvangsten uit overige activiteiten;
    6. subsidies;
    7. sponsorgelden;
    8. erfrechtelijke verkrijgingen en schenkingen/giften
    9. andere inkomsten.
  2. De leden zijn jaarlijks gehouden tot het betalen van een contributie, die door de Algemene Vergadering jaarlijks wordt vastgesteld op basis van de begroting. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, waarvoor verschillende bijdragen kunnen worden vastgesteld.
  3. Ereleden zijn vrijgesteld van het betalen van contributie.
  4. Bovendien betaalt ieder lid de door de Algemene Vergadering vastgestelde omslagen betreffende eventuele bijzondere activiteiten of onvoorziene uitgaven, voor zover die door de Algemene Vergadering vooraf zijn goedgekeurd op basis van de begroting of anderszins; deze mogen op jaarbasis niet hoger zijn dan de contributie.
  5. Ingeval van schorsing dan wel wanneer het lidmaatschap in de loop van een boekjaar eindigt, blijft niettemin de contributie voor het gehele jaar verschuldigd, tenzij het Bestuur anders besluit.
  6. De Vereniging is aan de Atletiekunie de door deze jaarlijks vastgestelde afdracht verschuldigd.
  7. Nalatenschappen worden door de Vereniging slechts aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

Besluiten van organen van de Vereniging

Artikel 14

  1. Orgaan van de Vereniging zijn het Bestuur en de Algemene Vergadering alsmede al die commissies en personen die bij het optreden in functie krachtens de statuten of de wet door de Algemene Vergadering zijn belast met een nader omschreven taak en aan wie daarbij beslissingsbevoegdheid omtrent de eigen taakuitoefening is toegekend.
  2. Indien een lid van een orgaan of commissie een tegenstrijdig belang heeft met de (commissie van de) vereniging of met de met haar verbonden onderneming of organisatie, neemt hij niet deel aan de beraadslaging of besluitvorming en is hij verplicht om de betreffende commissie, het bestuur en de algemene vergadering in te lichten over dit tegenstrijdig belang.
  1. a. Het in een vergadering van een orgaan uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    b. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan wordt het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  2. Van het verhandelde in een vergadering worden notulen gemaakt, die op de eerstvolgende vergadering van het orgaan dienen te worden goedgekeurd.
  3. a. Een besluit van een orgaan dat in strijd is met de wet of met de statuten, is nietig, tenzij uit de wet iets anders voortvloeit. Een nietig besluit mist rechtskracht.
    b. Is een besluit nietig, omdat het is genomen ondanks het ontbreken van een door de wet of de statuten voorgeschreven voorafgaande handeling of mededeling aan een ander dan het orgaan dat het besluit heeft genomen, dan kan het door die ander worden bekrachtigd. Is voor de ontbrekende handeling een vereiste gesteld, dan geldt dat ook voor de bekrachtiging.
    c. Bekrachtiging is niet meer mogelijk na afloop van een redelijke termijn, die aan de ander is gesteld door het orgaan dat het besluit heeft genomen of door de wederpartij tot wie het was gericht.
  4. Een besluit van een orgaan is, onverminderd het elders in de wet omtrent de mogelijkheid van een vernietiging bepaalde, vernietigbaar:
    1. wegens strijd met wettelijke of statutaire bepalingen die het tot stand komen van het besluit regelen;
    2. wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid; 3. wegens strijd met een reglement.
  5. Tot de onder a bedoelde bepalingen behoren niet die welke de voorschriften bevatten, waarop in lid 5 onder b wordt gedoeld.
  1. De bevoegdheid om vernietiging van een besluit te vorderen, vervalt een jaar na het einde van de dag, waarop hetzij aan het besluit voldoende bekendheid is gegeven, hetzij een belanghebbende van het besluit kennis heeft genomen of daarvan is verwittigd.
  2. Een besluit dat vernietigbaar is op grond van het bepaalde in lid 6 onder a, kan door een daartoe strekkend besluit worden bevestigd. Voor dit besluit gelden dezelfde vereisten als voor het te bevestigen besluit. Bevestiging is niet mogelijk zodra een vordering tot vernietiging aanhangig is. Indien de vordering wordt toegewezen, geldt het vernietigde besluit als opnieuw genomen door het latere besluit, tenzij uit de strekking van dit besluit het tegendeel voortvloeit.

Algemene Vergaderingen

Artikel 15

  1. Aan de Algemene Vergadering komen in de Vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks zal uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar een Algemene Vergadering worden gehouden (de jaarvergadering).
  3. De Algemene Vergaderingen worden bijeengeroepen door het Bestuur, met inachtneming van een termijn van ten minste veertien dagen. De bijeenroeping geschiedt door een mededeling via de interne media of door middel van een aan alle leden te zenden schriftelijke kennisgeving met gelijktijdige vermelding van de agenda.
  4. a. Voorts is het Bestuur op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal leden, als bevoegd is tot het uitbrengen van één tiende gedeelte van de stemmen in de Algemene Vergadering verplicht tot het bijeenroepen van een Algemene Vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek.
    b. Indien door het Bestuur aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig het bepaalde in het vorige lid of door het plaatsen van een advertentie in ten minste één, ter plaatse waar de Vereniging is gevestigd, veel gelezen dagblad. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.
  1. De agenda van de jaarvergadering bevat onder meer:
    1. vaststelling van de notulen van de vorige Algemene Vergadering;
    2. jaarverslag van het Bestuur;
    3. verslag van de penningmeester;
    4. verslag van de kascommissie;
    5. goedkeuring van de balans en van de staat van baten en lasten;
    6. vaststelling van de contributies;
    7. vaststelling van de begroting;
    8. benoeming bestuursleden;
    9. benoeming kascommissieleden
    10. benoeming overige commissieleden;
    11. rondvraag.

Het leiden en notuleren van Algemene Vergaderingen

Artikel 16

  1. De Algemene Vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het Bestuur of door zijn plaatsvervanger. Zijn de voorzitter en zijn plaatsvervanger verhinderd, dan treedt een ander door het Bestuur aan te wijzen bestuurslid als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin.
  2. Van het verhandelde in elke Algemene Vergadering worden door een bestuurslid notulen gemaakt. De notulen worden via de interne media of website gepubliceerd of op een andere wijze ter kennis van de leden gebracht en dienen door de eerstvolgende Algemene Vergadering te worden vastgesteld.

Toegangen besluitvorming Algemene Vergadering

Artikel 17

  1. a. Ieder lid heeft toegang tot de Algemene Vergadering.
    b. Leden, die geschorst zijn, hebben geen toegang tot de Algemene Vergadering tenzij zij bij de Algemene Vergadering beroep hebben ingesteld naar aanleiding van een opgelegde straf in welk geval zij bevoegd zijn alleen de behandeling van hun beroep bij te wonen.
  1. a. leder lid heeft in de Algemene Vergadering één stem.
    b. Leden tot en met veertien jaar kunnen het stemrecht niet zelf uitoefenen. Een wettelijk vertegenwoordiger is alsdan bevoegd het stemrecht namens dit lid uit te oefenen.
  2. Ieder lid kan als gemachtigde slechts namens één ander lid het stemrecht uitoefenen.
  3. Het stemrecht over besluiten, waarbij de Vereniging aan bepaalde personen, anders dan in hun hoedanigheid van lid, rechten toekent of verplichtingen kwijtscheldt, wordt aan die personen ontzegd.
  4. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het Bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de Algemene Vergadering. Het bepaalde in lid 12 letters a en b is van overeenkomstige toepassing op het uitbrengen van een stem.
  5. Bestuursleden hebben ieder een raadgevende stem over zaken waar de algemene vergadering over moet besluiten. De algemene vergadering geeft bestuurders gelegenheid hun zienswijze te geven voordat tot besluitvorming wordt overgegaan.
  6. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk.
  7. Over alle voorstellen zaken betreffende wordt, voor zover de statuten niet anders bepalen, beslist bij meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen. Bij het staken van de stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
  8. Bij stemming over personen is degene gekozen, die de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen op zich heeft verenigd. Indien niemand die meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen, die het hoogste aantal van de uitgebrachte geldige stemmen hebben verkregen en is hij gekozen, die bij die tweede stemming de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij die tweede stemming de stemmen staken, beslist het lot.
  9. Ongeldige stemmen zijn stemmen die onleesbaar zijn, op enigerlei wijze ondertekend zijn, dan wel iets anders aanduiden dan in stemming is gebracht of andere namen bevatten dan van de personen over wie wordt gestemd. Blanco stemmen, ongeldige stemmen of onthouding van stemmen worden niet tot de uitgebrachte stemmen gerekend.
  10. Degenen die blanco of ongeldig stemmen tellen slechts mee om het quorum vast te stellen.
  11. a. Het stemrecht kan worden uitgeoefend door middel van een elektronisch communicatiemiddel;
    b. Vereistis dat de stemgerechtigde via het elektronisch communicatiemiddel kan worden geïdentificeerd, rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering en het stemrecht kan uitoefenen.

Statutenwijziging

Artikel 18

  1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de Algemene Vergadering waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet ten minste veertien dagen bedragen.
  2. Zij, die de oproeping tot de Algemene Vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden. Onder ter inzagelegging wordt (mede) verstaan: het toegankelijk maken voor de leden op de website of enig andere via een elektronisch communicatiemiddel te bereiken plaats van de vereniging.
  3. Het bepaalde in de leden 1 en 2 van dit artikel is niet van toepassing, indien in de Algemene Vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt aangenomen.
  4. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee derden van de uitgebrachte geldige stemmen, in een vergadering waarin ten minste de helft (vijftig procent) van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Indien niet de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, een besluit kan worden genomen, mits met een meerderheid van ten minste twee derden van de uitgebrachte geldige stemmen.
  5. a. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Van dit tijdstip wordt mededeling gedaan in de interne media. Ieder bestuurslid afzonderlijk is dan tot het doen verlijden van deze akte bevoegd.
    b. De bestuursleden zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten in het handelsregister neer te leggen.
  1. De Vereniging behoeft voor iedere wijziging van de statuten, waaronder begrepen maar niet uitsluitend een wijziging van de naam, de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de Atletiekunie.

Ontbinding en vereffening

Artikel 19

  1. a. Voor een besluit tot ontbinding van de Vereniging is het bepaalde in artikel 18 leden 1 en 3 van overeenkomstige toepassing.
    b. De Vereniging wordt ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de Algemene Vergadering genomen met ten minste twee derde van het aantal uitgebrachte geldige stemmen in een vergadering waarin ten minste twee derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
  2. Bij de oproeping tot de in het eerste lid van dit artikel bedoelde vergaderingen moet worden medegedeeld, dat ter vergadering zal worden voorgesteld de Vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot zodanige vergadering moet ten minste veertien dagen bedragen.
  3. a. De bestuursleden treden na het besluit tot ontbinding van de Vereniging als vereffenaars op.
    b. De Algemene Vergadering is bevoegd na het besluit tot ontbinding de alsdan zitting hebbende bestuursleden te ontslaan met gelijktijdige benoeming van één of meer vereffenaars.
  4. Bij een besluit tot ontbinding wordt de bestemming van een eventueel batig saldo bepaald, terwijl de Algemene Vergadering tevens één of meer bewaarders aanwijst.
  1. Na de ontbinding blijft de Vereniging voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen, die van de Vereniging uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd de woorden ‘in liquidatie’.
  2. De boeken en bescheiden van de ontbonden Vereniging moeten door de bewaarders worden bewaard gedurende zeven jaren na afloop van de vereffening.

Huishoudelijk reglement

Artikel 20

  1. De Algemene Vergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen en wijzigen.
  2. Het Huishoudelijk Reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.
  3. De statuten en reglementen van de Vereniging mogen niet in strijd zijn met die van de Atletiekunie.”.